Philippe De Backer 19 september 2018

“De toon van de burgemeester is voor mij een inhoudelijk probleem”

Philippe De Backer ontvangt ons in hemdsmouwen in zijn uiterst sober, beetje kaal kantoortje in het hoofdkwartier van Open Vld in Antwerpen. Niet echt wat je van een staatssecretaris zou verwachten, maar we zijn hier ook niet om te praten met de staatssecretaris, wel met de lijsttrekker van Open Vld in Antwerpen. De Backer heeft er een goed gevoel bij. “Open Vld is een bruggenbouwer. En dat gaan ze na 14 oktober nodig hebben in Antwerpen, bruggenbouwers.”

Uw uitspraak over Bart De Wever (“hij is emotioneel niet in staat om Antwerpen te leiden”) heeft niet meteen bruggen gebouwd. En toch is dat de bedoeling. Als ik burgemeester zou zijn, zou ik een heel andere toon aanslaan. Je kunt best een streng beleid voeren en tegelijk de mensen die het goed menen een hart onder de riem steken.

Het model van Bart Somers.

Ik heb veel geleerd van Bart. Hij slaagt erin om met al zijn inwoners in dialoog te gaan en hij kan daardoor uitersten verzoenen. Maar je ziet dat wel vaker in steden met een liberale burgemeester: dat er geen tegenstellingen worden gecreëerd, maar dat er heel concrete oplossingen worden gezocht voor de problemen van mensen. Ik profileer me nu al maandenlang als iemand die op zoek is naar pragmatische maatregelen die het leven van de Antwerpenaren kunnen verbeteren. Als ik dan merk dat me dat moeilijk wordt gemaakt door bepaalde uitspraken van de burgemeester, dan heb ik de taak als politicus om dat aan te kaarten.

Had u dat dan niet al eerder moeten doen in plaats van te wachten tot vlak voor de verkiezingen?
Ik ben al enkele keren tussen gekomen, onlangs nog toen Koen Kennis beweerde dat de verkeersveiligheid een door links opgeklopt probleem is. Vóór mij heeft Annemie Turtelboom de schepenen ook al eens gewezen op hun taalgebruik. En in het schepencollege heeft Claude (Marinower, de enige schepen van Open Vld in het Antwerpse college, red.) het ook al aangekaart.

Hebt u zich als coalitiepartner van N-VA nooit miskend gevoeld? Bijvoorbeeld toen N-VA een rapport voorstelde waarin ook het werk van Claude Marinower was opgenomen, maar hij niet bij naam werd vermeld.

Wij zijn een ideeënpartij en ik zou graag wat meer credits krijgen voor onze ideeën die door anderen worden overgenomen. Maar we staan vooral bekend om ons pragmatisme. Zo hebben we 90% van het bestuursakkoord kunnen uitvoeren. Claude heeft een fantastisch parcours gereden, we hebben de verlaging van de vestigingstaks erdoor gekregen, we hebben mee gezorgd voor gezonde stadsfinanciën … Ik ben tevreden over wat we met deze coalitie bereikt hebben, maar dat neemt niet weg dat ik over sommige zaken niet tevreden ben.

Zegt u maar.
In ons programma stond dat de grote werkzaamheden in de stad gespreid in de tijd moeten worden uitgevoerd. We hebben daar tientallen keren voor gepleit toen ‘de knip’ eraan kwam, maar men is toch overal tegelijk begonnen en men heeft niet genoeg aandacht besteed aan coördinatie en communicatie. Veel handelaars zijn daar de dupe van geworden. Ik sta achter alle projecten voor stadsvernieuwing, maar de manier waarop ze tot stand zijn gekomen, was verre van ideaal.

Schepen De Backer onder burgemeester De Wever, is dat een mogelijk scenario voor u?
Dat hangt van de kiezer af. Ik vind in ieder geval dat we toe zijn aan een andere bevoegdheidsverdeling voor de schepenen. Claude heeft heel hard gewerkt op onderwijs, maar daar sluiten een hoop domeinen op aan die eveneens bepalend zijn voor de toekomst van onze kinderen: kinderopvang, jeugd en sport, cultuur … Misschien moeten we een schepen voor het kind aanstellen.

Goed idee, maar u hebt nog niet op de vraag geantwoord: wordt u schepen in het kabinet van De Wever?
Het discours van de burgemeester is nu voorwerp van debat. Ik hoop dat een volgend college een andere toon aanslaat zodat niemand in de stad zich buitengesloten hoeft te voelen.

En onder die voorwaarde wilt u schepen worden?
Ik doe aan politiek op basis van inhoud. Na de verkiezingen zijn er twee bepalende factoren. De eerste is wiskundig: welke coalities zijn rekenkundig mogelijk? De tweede is: welke programma’s zijn compatibel om er een coherent bestuursakkoord van te maken? En pas dan praten we over schepenambten.

Wat is uw favoriete coalitie?
(met uitgestreken gezicht) De coalitie die mijn programma maximaal uitvoert, en het liefst met mij als burgemeester. Nee serieus, alleen met communistische en fascistische partijen werk ik niet samen. Met alle andere hebben wij open lijnen. Ook na de verkiezingen zullen wij de partij van de redelijkheid zijn.

Als u burgemeester zou worden, wat is dan uw topprioriteit?
De leefbaarheid van de stad. Ik zie dat heel breed, maar het belangrijkste lijkt mij schone lucht. Ik ben dus voor een uitbreiding van de LEZ en voor de overkapping van de Ring. Al gaat leefbaarheid ook over de strijd tegen sluikstorten en zwerfvuil. En over het leefbaar maken van moeilijke wijken door de grondbelasting te verlagen. Dat kan een instrument zijn om nieuwe investeerders en bewoners aan te trekken.

Hoeveel zitjes hebt u nodig om dat allemaal te realiseren?
Een absolute meerderheid zeker (lacht)? Ik hoop gewoon dat we het beter doen dan de vorige keer.

Wat voor een sociaal beleid zou Open Vld graag voeren?
Ik ben om te beginnen niet a priori tegen het inzetten van privé-partners in de sociale zorg. Neem nu de NEET-jongeren (Not in Education, Employment en Training, red.). Dat zijn jongeren die niet naar school gaan en geen werk hebben. Zo zijn er in Antwerpen nog altijd veel te veel en blijkbaar krijgen we het probleem niet opgelost. Waarom zouden we geen privé-investeerders kunnen vinden die leningen willen toestaan aan sociale organisaties die proberen om die jongeren opnieuw te activeren? Veel bedrijfsleiders zoeken werkkrachten en hebben er echt wel iets voor over om die te vinden. Als zij investeren, kan de overheid ook haar geld op tafel leggen. Dat is het systeem van de Social Impact Bonds. Het is een pragmatische oplossing waar ik als liberaal voor gewonnen ben. Ik ben zelf coach voor PEP (Positive Education Project, red.), een organisatie die probeert om kansarme jongeren op de juiste plaats in het onderwijs te krijgen. Ik help jongeren hen bewust te maken van hun eigen talenten. Die kennen ze vaak niet omdat ze zo’n laag zelfbeeld hebben. Ik heb al jonge mensen kunnen overtuigen om opnieuw te gaan studeren. En die doen het nu heel goed. Dat geeft voldoening.

Hoe bent u ertoe gekomen om die rol op u te nemen?
Oh, ik ben al heel lang bezig met gelijke kansen in het onderwijs. Tien jaar geleden heb ik daar al artikels over geschreven. En in Brussel was ik ook al actief in een organisatie die jongeren begeleidde.

U zegt dat u naar de stad wil kijken door de ogen van een kind. Wat hoopt u daar precies mee te bereiken?
Ik heb een dochter van 4,5 jaar. Ik neem haar vaak als voorbeeld. Als ouder wil je dat je kind veilig naar school kan, propere lucht kan inademen, degelijk onderwijs krijgt, dat ze vriendjes maakt met kinderen van alle kleuren en uit de hele wereld, dat ze later zelf kan beslissen waar ze woont enzovoort. Als je zo naar de stad kijkt, dan kom je enorm veel problemen tegen. Ik heb haar deze zomer leren fietsen, maar waar ik woon, in de buurt van de Anselmostraat, kán een kind gewoon niet op straat fietsen. Onmogelijk. Veel te onveilig. En wat die schone lucht betreft, ik heb twee kinderen, ook nog een baby van drie maanden. We zijn deze zomer veertien dagen aan zee geweest en we waren nog niet goed thuis of ze waren allebei alweer aan het snotteren door de slechte lucht hier. Dat wil je als ouder toch niet! Dus, dan moet je daar als politicus iets aan doen.

Dan moet u ook iets doen aan de veiligheid. Bent u tevreden over het gevoerde beleid?
We hebben de straatcriminaliteit aangepakt, dat is positief. Met het Stroomplan pakken we nu de grote jongens aan, maar we moeten bijsturen wat de bereikbaarheid van de politie betreft. Ik hoorde onlangs het verhaal van een bejaarde man op Linkeroever die ’s avonds overvallen was en die nergens aangifte kon doen. Hij is uiteindelijk in Zwijndrecht terechtgekomen. Dat is schrijnend. We moeten toegeven dat we te ver zijn gegaan met het sluiten van kantoren.

De burgemeester legt in zijn programma veel nadruk op het vormen van een stadsgemeenschap. U ook, maar u gelooft niet in een leidcultuur.

Nationalisten en populisten kiezen voor een leidcultuur. Een liberaal kiest voor de rechtsstaat. De spelregels daarvan, de rechten en plichten, zijn er voor iedereen. De Wever voegt aan de regels van de rechtsstaat nog enkele andere voorwaarden toe, die hij leidcultuur noemt. En daardoor zijn er mensen die denken: ik doe alles wat je van mij verwacht, maar ik kan er blijkbaar toch nooit bij horen. Zo sluit je mensen uit.

Als je gelooft in de Verlichting, dan kun je niet anders dan een inclusief verhaal vertellen. Iedereen moet zichzelf kunnen zijn, binnen het kader van de rechtsstaat en de waarden van de Verlichting. Natuurlijk zijn er extremisten die de regels aan hun laars lappen, die het moeilijk hebben met homoseksuelen, die niet geloven in gelijke rechten voor mannen en vrouwen … Wel, zij horen er níét bij. Daar ben ik heel streng voor. Ik had onlangs een ontmoeting met Afrikaanse bedrijfsleiders. Het gesprek ging onmiddellijk over discriminatie en racisme. Als je dat laat bestaan in je samenleving, dan kun je geen gemeenschap bouwen. Je moet daar keihard tegen optreden, zoals je ook fraudeurs en mensen die de bestaande systemen misbruiken, moet aanpakken. Maar voor de rest is tolerantie de regel.

Geen verbod op de hoofddoek dus?
Godsdienstvrijheid is voor mij als liberaal een fundamenteel recht en iets in de privésfeer. Ik heb geen enkel probleem met uiterlijke tekenen van religie, maar ik stel het gezag van de overheid daar wel boven. Dus, gezagsdragers of mensen die de overheid vertegenwoordigen, moeten neutraal zijn. Dan heb ik het over rechters, politieagenten, loketbedienden en mensen in het onderwijs. Wie achter de schermen werkt, draagt wat hij wil. Daar moei ik me niet mee.

Gemeenschap creëer je ook door bewoners inspraak te geven. Hebben ze dat voldoende gekregen?
Voor liberalen is inspraak ontzettend belangrijk. Daarom zijn wij met de burgerbegrotingen begonnen. Het sterkste staaltje van participatie is voor mij wat intendant Alexander D’Hooghe heeft klaargespeeld. Mensen met de meest tegenstrijdige ideeën aan tafel krijgen en door dialoog tot een oplossing komen, waar iedereen in gelooft en waar de stad beter van wordt. Zo zou het altijd moeten kunnen in deze stad.

(Bron: GVA)